Waarom zet Vredeseilanden in op markttoegang voor boerenfamilies?
Door de economische liberalisering overal ter wereld, worden steeds meer openbare diensten geprivatiseerd. Tot in de kleinste gemeenschappen is het zo dat scholen voor de kinderen of gezondheidszorg niet meer gratis zijn. In landen waar het grootste deel van de bevolking leeft van landbouw, moeten boerenfamilies hun oogst dus aan een rechtvaardige prijs verkocht krijgen om te kunnen leven.
Maar om heel verschillende redenen is het voor boeren en boerinnen dikwijls heel moeilijk om een goede plaats in de markt te kunnen verwerven. Dat heeft te maken met kwaliteitseisen waaraan hun producten niet kunnen voldoen, gebrekkige opslagplaatsen en andere infrastructuur, malafiede opkopers die de markt domineren, het feit dat ze geen verwerkingsmachines hebben, de eisen van de consument niet kennen, geen zicht hebben op de prijsvorming van producten etc.
Vredeseilanden vindt dat er in de eerste plaats moet gezorgd worden dat boeren en boerinnen hun producten in de eerste plaats moeten kunnen verkopen in hun eigen streek of in de buurlanden, en dat pas in tweede instantie moet gekeken worden naar exportmogelijkheden.
Deels vanuit ecologische principes (het energieverbruik bij lange afstandstransporten), maar vooral vanuit sociale en economische beweegredenen. Boerenfamilies in het Zuiden telen voornamelijk voedselgewassen, die doorgaans bestemd zijn voor nationale consumptie. De huidige voedselcrisis bewijst hoe belangrijk het is om in eigen streek genoeg voedsel te hebben.
Ook hebben boerenorganisaties zo meer controle en inspraak in markten dicht bij huis, waardoor het makkelijker is om langdurige relaties met handelaars en consumenten aan te gaan en te komen tot eerlijke afspraken en verkoopszekerheid.
