Op bezoek bij de jonge cacaoboeren van La Campesina

Op bezoek bij de jonge cacaoboeren van La Campesina

13/10/2016
Heleen Verlinden
Heleen Verlinden
International Fundraising Advisor

Hoe zou het nog zijn met de jongeren van La Campesina? In 2015 steunden de jongeren van Zuiddag de 374 leden van La Campesina, een cacao-coöperatieve in het hartje van Nicaragua. Het is een dynamische boerenorganisatie die gelooft en investeert in haar jonge leden. Collega Heleen bracht hen deze zomer een bezoekje, en ontmoette er enkele van de jongeren die dolenthousiast meewerken aan de toekomst van La Campesina en de cacaosector in hun regio.

Met zo'n 300 zijn ze, de jonge boeren waarop La Campesina, cacao-coöperatieve in Nicaragua sterk inzet. Sinds 2015 werken Vredeseilanden en La Campesina samen, met ondersteuning van Zuiddag, om meer jongeren warm te maken voor de cacaosector. In juli maak ik er kennis met Abner, Dalila, Ernesto, Maysel en William. Zij zijn vijf van de jongerenleiders die een paar keer per maand samenkomen bij La Campesina. Ze volgen er workshops en werken activiteiten uit, die zij op hun beurt organiseren voor andere jongeren in hun gemeenschap.

Hun enthousiasme spat van hun gezichten af. Allen zijn ze opgegroeid tussen de cacaobomen, maar hun ideeën gaan nu veel verder dan enkel cacao verbouwen, zoals hun ouders dit deden. Ernesto studeert bosbehoud op de landbouwschool van Matiguás en zijn droom is om het mooie landschap van zijn streek te behouden. Ontbossing is in de regio immers een groot probleem. Agroforestry (het aanplanten van schaduwbomen tussen de cacaobomen) op cacaoplantages kan dit tegengaan.

Alles wat ik op school leer, over schaduwbomen, snoeimethodes, wil ik delen met de coöperatie. Waar ik woon, aan de voet van de Musúnberg, is het zo ongelooflijk mooi. Ik wil dat dat landschap behouden blijft.

Ernesto jonge boerenleider

Er wordt volop gebrainstormd door de jongeren: "We kunnen hier een toeristisch project openen! Of chocoladeijsjes verkopen! Of biologische meststof maken! Ideeën genoeg, maar nu moeten we die gerealiseerd krijgen." De jongeren laten duidelijk een frisse wind waaien binnen de coöperatie. Ze appreciëren het enorm dat La Campesina openstaat voor hun ideeën en ook daad bij het woord voegt. Zo zijn de nieuwe voorzitter en ondervoorzitter allebei jonger dan 30. En dat in een land waar de gemiddelde cacaoboer 52 jaar oud is!

De 5 nemen me mee op sleeptouw naar hun gemeenschappen, hun thuis. Abner en Maysel tonen ons de boerderij van hun ouders, waar ze elk ook een stuk grond kregen om cacao te verbouwen. Na drie uur reizen over onverharde wegen, onder tropische regenbuien en dwars door een aanzwellende rivier, bereiken we hun dorpje, Manceras II. Dat het geen evidentie is dat jongeren - en vooral meisjes - een rol opnemen binnen de coöperatie, blijkt maar al te duidelijk na het bezoek. Wanneer we opnieuw willen vertrekken, moet Maysel achterblijven om op haar zusje te letten. Haar broer Abner legt uit: "Als het erop aankomt, zal ik wél altijd mee mogen, en mijn zus niet." Zowel de jongens als de meisjes zijn het er over eens: het project is belangrijk voor iedere jongere, maar vooral voor de meisjes.

Ik dacht vroeger dat het normaal was dat ik thuis in de keuken zou helpen, meer niet. Nu begrijp ik dat wij ook het recht hebben om onze mening te geven. Voor mij is dit project als een ladder, het helpt mij omhoog te klimmen. Soms breekt er een trede, en val ik wat naar beneden. Dan moet ik gewoon een beetje meer mijn best doen om verder te klimmen.

Maysel jonge boerenleidster

William laat ons zijn dorp, El Bambú, zien. Zelf noemt hij het el culo del mundo, wat zoveel wil zeggen als het gat van de wereld. Onze weg leidt ons opnieuw over onverharde wegen, en door ontelbaar veel rivieren. Iedere regenbui kan betekenen dat we rechtsomkeer moeten maken. Na vijf uur bereiken we dan eindelijk el Bambú - en dan hebben we die dag nog niet eens William's huis gezien: dat lag op nog eens twee uur te paard verder.

Stil word ik ervan. Uren zijn deze jongeren onderweg, in weer en wind. Ze botsen op rollenpatronen en op ondoorwaadbare rivieren. Dit allemaal voor hun passie, cacao. Omdat ze ervan overtuigd zijn dat hun ideeën een meerwaarde betekenen voor hun eigen leven, hun gemeenschappen en de coöperatie. Zo aanstekelijk en inspirerend, die gedrevenheid.